KLIK HIER VOOR INFORMATIE
OVER DE SITE

RUNDVEE-INSEMINATIE

EN VRUCHTBAARHEIDSPROBLEMEN BIJ KOEIEN

CLICK HERE FOR
THE PARENT SITE
and SITE SEARCH


Het manipuleren van de cervix vanuit het rectum.

Om een intra-uteriene inseminatie te kunnen uitvoeren, zal men (vanuit het rectum) de cervix om de pistolet heen moeten zien te manipuleren. De pistolet, waarin zich een paille met sperma bevindt, wordt met de ene hand de colpos (vagina) van de koe ingevoerd. En met de andere hand manipuleert men vervolgens, vanuit het rectum, de cervix om de pistolet heen. Dit doet men zover, tot men slechts het uiterste topje van de pistolet in de baarmoeder voelt aankomen.

Nu doet zich vanzelfsprekend de vraag voor met welke hand men enerzijds het inbrengen van de pistolet uitvoert, en met welke hand men anderzijds het manipuleren van de cervix vanuit het rectum uitvoert. Als antwoord hierop kan gesteld worden, dat dit afhangt van iemands lateraliteit. Als men rechtshandig is voert men normaliter de linkerhand het rectum van de koe in, om die manipulaties uit te gaan voeren. En als men linkshandig is doet men dat meestal met de rechterhand. Met de hand waarmee men het minst handig is, worden dus dit soort manipulaties in het bekken van de koe uitgevoerd. Dat klinkt vreemd! Maar toch is bijna niemand in staat om dit andersom te doen. Een zeer ervaren inseminator kan zelfs moeite hebben om met zijn meest handige hand de cervix in het bekken van de koe te vinden. Laat staan om de cervix ook nog eens om de pistolet heen te kunnen manipuleren.

Om die manipulaties met de cervix uit te kunnen voeren, voert men eerst de ene arm via de culus het rectum van de koe in. Vanwege hygiënische redenen trekt men over die arm eerst een arms-lange plastic wegwerp-handschoen aan. Daarna spuit men er vanuit de plastic sifon een rijkelijk hoeveelheid lubricant op. Bovendien spuit men een plasje lubricant in de hand. Die lubricant smeert men in een draaiende beweging op de anus van de koe. Dit is niet alleen voor een vlotte inseminatie van belang, maar ook om te voorkomen dat de koe al te veel hinder ondervindt van de betreffende handeling. Zodra men dan de hand via de anus in het rectum heeft weten binnen te brengen, trekt men de handschoen met de andere hand nog even strak over de arm heen aan. Dat laatste is uitermate belangrijk, omdat juist daardoor de inseminatiehandeling vlot en hygiënisch kan worden uitgevoerd.

Als men rijkelijk glijmiddel gebruikt, kan men over het algemeen gemakkelijk door de anus het rectum binnendringen. De sphincter ani is hiervoor doorgaans geen belemmering. Als deze echter in het verleden eens is uitgescheurd geweest, kan dit wel voor problemen zorgen. Door de fibrosering van het anale litteken die daarna optreedt, is de culus soms zo nauw, dat een inseminatie onder begeleiding vanuit het rectum lange tijd niet zondermeer mogelijk is. Er moet dan een intra-cervicale inseminatie worden uitgevoerd. Om dat in zulke gevallen te kunnen doen, dient men als inseminator altijd te kunnen beschikken over een speculum, of een speciale vaginoscoop. Daar zit een lampje in, zodat het mogelijk is om de vagina van binnen te bekijken. Bij een intra-cervicale inseminatie deponeert men het sperma in het ostium externum. Of liever nog een eindje de cervix in. Een stompje van de cervix steekt uit in de vagina. Dat betreffende deel van de cervix heet: "portio vaginalis uteri" ofwel: "portio cervicalis uteri". In de portio bevinden zich relatief weinig zenuwuiteinden, zodat de aanraking van de portio, met de punt van de pistolet, voor de koe niet al te hinderlijk is. Op de kop van de portio bevindt zich "het ostium externum". Bij een tochtige koe is de portio normaliter verstreken, zodat zij dan niet goed is waar te nemen. Is de portio wel goed waar te nemen, dan is de koe allicht niet tochtig.

In het rectum van de koe is veel ruimte aanwezig. De wand van het rectum is zeer soepel. En men kan de cervix dan vaak ook gemakkelijk oppakken met een deel van de darmwand. Maar als er zich veel faeces in het rectum bevindt, wordt dit wel wat lastiger. Soms moet dat er zelfs handmatig worden uitgehaald. Toch zal men dit als inseminator niet gauw doen. Door namelijk met de hand onder de faeces door de darm in te gaan, heeft men er meestal geen last van. Als de darmwand maar soepel genoeg is, zal een ervaren inseminator er zich meestal wel zondermeer mee weten te redden.

Soms is de darmwand echter erg hard. Namelijk als de koe op het punt staat om de faeces naar buiten te persen. Door de contracties van de darmspieren, kan de darmwand tijdelijk alle soepelheid hebben verloren. In die situatie kan men geen rectale inseminatie uitvoeren. Men kan dan de uterus en de ovaria niet palperen. En het oppakken en manipuleren van de cervix lukt dan ook niet. Men kan ook in dit geval het rectum geheel of gedeeltelijk handmatig leeghalen. Maar door even te wachten, of door even iets anders te gaan doen, lost dit probleem zich ook vaak vrij gauw vanzelf wel op. De koe perst haar faeces dan zelf wel naar buiten. De prikkeling van de arm, die in haar rectum heeft gezeten, bevordert het vlugge en spontane uitdrijven van de faeces namelijk meestal wel. Mocht dat niet voldoende helpen, dan kan men ook nog de darm aan de bovenkant gaan prikkelen. Daarmee wordt de koe gesuggereerd dat de darm vol zit, met als gevolg dat zij eerder haar faeces zal trachten uit te persen.

Een erg vervelend probleem doet zich voor wanneer er teveel lucht in het rectum voorkomt. Ook dan is een inseminatie onder begeleiding vanuit het rectum, moeilijk uitvoerbaar. Door echter achteraan in het rectum met de hand te gaan fladderen lost dit probleem zich vaak wel enigszins op. En door de arm verschillende malen achtereen heen en weer te halen in het rectum, wil er ook weleens wat lucht ontsnappen. Ook kan men proberen de darmwand (het darmslijmvlies) te prikkelen door deze op sommige plaatsen wat naar binnen te trekken. Ook dat wil wel eens helpen.

Als er zich voor het overige problemen voor doen met de manipulatie van de cervix kan dit ook te maken hebben met vergroeiingen in de uterus. Maar het kan in dat geval ook zijn dat er adhaesies zijn ontstaan in de buik- en/of bekkenholte van de koe ten gevolge van een sectio caesaria. Of dat de bouw van de cervix, of de bouw van de vagina afwijkend is. Als er een tumor in de vagina van de koe voor komt, kan ook deze de manipulatie van de cervix erg bemoeilijken. De pistolet, waarmee men de inseminatie uitvoert, is niet flexibel. Daarom kan men in een dergelijk geval soms niet met de punt van de pistolet bij het ostium externum terecht komen. Echter met een trucje is dat in die gevallen dan vaak nog wel mogelijk. Namelijk door de cervix tijdens het uitvoeren van de inseminatie niet naar voren te drukken. Maar door deze, in tegenstelling daartoe, juist helemaal naar achteren te trekken. Dat wil zeggen, door de cervix om de tumor heen naar je toe te trekken. De cervix heeft namelijk wel de flexibiliteit, die de pistolet ontbeert.

Een punt van zorg is wel dat het niet geheel uitgesloten kan worden dat men als inseminator met de vingers door de darmwand heen prikt. Vooral wanneer de darmwand door contracties erg hard is, moet men daar goed voor oppassen. En er kan ook een zwakke plek in de darmwand aanwezig zijn. Mocht men een darmperforatie veroorzaken, dan heeft men een niet gering probleem. De koe heeft dan in ieder geval veterinaire zorg nodig. De buikvliesontsteking; ontsteking aan het peritoneum (het buikvlies) die een gevolg van dat gat in het rectum zal zijn, kan heel vlug fataal aflopen voor de koe.

Na de eigenlijke inseminatie moet men bij het terugtrekken van de arm uit het rectum van de koe, wel rustig te werk gaan. Doet men dit namelijk al te bruut, dan heeft men kans dat de darmwand naar buiten toe gaat uitstulpen. Voor de koe zal dat ongetwijfeld erg onaangenaam zijn.


Wilt u meer informatie over rundvee-inseminatie en de vruchtbaarheidsproblematiek? Klik dan HIER voor het openen van de site www.ybema.org